Basic Dutch in 30 Days: Days and dates

Themaquiz zonder tijdslimiet: 10 vragen over Days and dates, met een uitleg na elk antwoord. Vragen en antwoorden worden elke keer gehusseld.

  • Cursus
  • Nederland
  • 300 vragen
  • Gecontroleerd op 13 oktober 2026
  • Taalkundig nagekeken op 13 oktober 2026
Begin met de lessenBasic Dutch: 30 Lessons: ongeveer 750 minuten leestijd. Elke testvraag wordt in de lessen behandeld.

Dag 5: Days and dates

  1. Vraag 1 van 10

    What day is “woensdag”?
    Toon antwoord

    Antwoord: B. Wednesday

    Woensdag is Wednesday. Dinsdag is Tuesday and donderdag is Thursday.

  2. Vraag 2 van 10

    Which day comes after vrijdag?
    Toon antwoord

    Antwoord: D. zaterdag

    The order is … donderdag, vrijdag, zaterdag, zondag.

  3. Vraag 3 van 10

    In Dutch, which words start with a small letter?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. Days and months

    Days and months start with a small letter in Dutch: maandag, mei. Names, countries and languages start with a capital.

  4. Vraag 4 van 10

    Complete: “Ik ben ___ augustus jarig.”
    Toon antwoord

    Antwoord: A. in

    Use in with months: in augustus. Use op with days and dates: op 5 augustus.

  5. Vraag 5 van 10

    Complete: “Ik ben ___ dinsdag jarig.”
    Toon antwoord

    Antwoord: D. op

    Use op with days: op dinsdag (on Tuesday).

  6. Vraag 6 van 10

    What is the Dutch word for “3rd”?
    Toon antwoord

    Antwoord: D. derde

    3rd is derde (written 3e). Dertiende is 13th.

  7. Vraag 7 van 10

    A form says “Datum: 04-07-2026”. What date is it?
    Toon antwoord

    Antwoord: C. 4 July 2026

    Dutch dates are written day-month-year, so 04-07 is 4 July.

  8. Vraag 8 van 10

    Listen. When is the speaker’s birthday?
    Luister en antwoord daarna. Het transcript verschijnt na je antwoord.
    Geen geluid? Lees de tekst

    Ik ben jarig op tien april.

    Toon antwoord

    Antwoord: A. 10 April

    Tien april = 10 April. Jarig zijn means it is your birthday.

    Transcript

    Ik ben jarig op tien april.

  9. Vraag 9 van 10

    Listen. What day is it today?
    Luister en antwoord daarna. Het transcript verschijnt na je antwoord.
    Geen geluid? Lees de tekst

    Sanne: Welke dag is het vandaag?
    Bram: Vandaag is het donderdag. Morgen is het vrijdag!

    Toon antwoord

    Antwoord: D. Thursday

    Bram says vandaag (today) is donderdag (Thursday). Morgen (tomorrow) is vrijdag.

    Transcript

    Sanne: Welke dag is het vandaag?
    Bram: Vandaag is het donderdag. Morgen is het vrijdag!

  10. Vraag 10 van 10

    Read the message. When is Lotte’s birthday?

    Hoi Sam! Het feest is op zaterdag 14 juni. Kom je ook? Zondag 15 juni ben ik jarig! Groetjes, Lotte

    Toon antwoord

    Antwoord: A. Sunday 15 June

    Lotte writes “Zondag 15 juni ben ik jarig”: Sunday 15 June. The party (het feest) is on Saturday.

Andere plannen voor deze cursus