Basic Dutch in 30 Days: Numbers 0–100

Themaquiz zonder tijdslimiet: 10 vragen over Numbers 0–100, met een uitleg na elk antwoord. Vragen en antwoorden worden elke keer gehusseld.

  • Cursus
  • Nederland
  • 300 vragen
  • Gecontroleerd op 13 oktober 2026
  • Taalkundig nagekeken op 13 oktober 2026
Begin met de lessenBasic Dutch: 30 Lessons: ongeveer 750 minuten leestijd. Elke testvraag wordt in de lessen behandeld.

Dag 4: Numbers 0–100

  1. Vraag 1 van 10

    What number is “zeven”?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. 7

    Zeven is 7. 17 is zeventien and 70 is zeventig.

  2. Vraag 2 van 10

    How do you say 13?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. dertien

    13 is dertien. Dertig is 30.

  3. Vraag 3 van 10

    Which word is 40?
    Toon antwoord

    Antwoord: B. veertig

    40 is veertig, spelled with ee. Veertien is 14.

  4. Vraag 4 van 10

    How do you say 45?
    Toon antwoord

    Antwoord: B. vijfenveertig

    From 21 to 99, the small number comes first, then en, then the tens: vijf-en-veertig.

  5. Vraag 5 van 10

    How do you write 82 in words?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. tweeëntachtig

    After twee, write ë: twee-ën-tachtig. 80 is tachtig, with a t.

  6. Vraag 6 van 10

    Choose the correct sentence.
    Toon antwoord

    Antwoord: D. Ik ben dertig jaar.

    For age, Dutch uses zijn (to be): Ik ben dertig jaar. Jaar stays singular after a number.

  7. Vraag 7 van 10

    What does “Hoe oud bent u?” mean?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. How old are you?

    Oud means “old”. “How are you?” is Hoe gaat het met u?

  8. Vraag 8 van 10

    Listen. How old is the speaker?
    Luister en antwoord daarna. Het transcript verschijnt na je antwoord.
    Geen geluid? Lees de tekst

    Ik ben drieëndertig jaar.

    Toon antwoord

    Antwoord: D. 33

    Drieëndertig = drie (3) + en + dertig (30) = 33.

    Transcript

    Ik ben drieëndertig jaar.

  9. Vraag 9 van 10

    Listen. What is the phone number?
    Luister en antwoord daarna. Het transcript verschijnt na je antwoord.
    Geen geluid? Lees de tekst

    Mijn nummer is nul zes, achtentwintig, vijftien, negentig, elf.

    Toon antwoord

    Antwoord: B. 06 28 15 90 11

    Achtentwintig is 28 (8 + 20), vijftien is 15 and negentig is 90.

    Transcript

    Mijn nummer is nul zes, achtentwintig, vijftien, negentig, elf.

  10. Vraag 10 van 10

    Listen. How old is Lisa?
    Luister en antwoord daarna. Het transcript verschijnt na je antwoord.
    Geen geluid? Lees de tekst

    Lisa: Hoe oud ben je?
    Daan: Ik ben negentien. En jij?
    Lisa: Ik ben eenentwintig.

    Toon antwoord

    Antwoord: A. 21

    Lisa says eenentwintig: een (1) + en + twintig (20) = 21. Daan is 19 (negentien).

    Transcript

    Lisa: Hoe oud ben je?
    Daan: Ik ben negentien. En jij?
    Lisa: Ik ben eenentwintig.

Andere plannen voor deze cursus