PassEveryTest

Oefenen voor het Nederlandse naturalisatie-examen (KNM) 2026: Oefenexamen 2

Oefenexamen 2 van 3 voor Oefenen voor het Nederlandse naturalisatie-examen (KNM): 25 extra vragen met antwoorden en uitleg.

  • Inburgering
  • Nederland
  • 80 vragen
  • Gecontroleerd op 11 oktober 2026
  1. Vraag 1 van 25

    Wat voor staat is Nederland?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. Een constitutionele monarchie en parlementaire democratie

    De vorst is staatshoofd, maar de ministers zijn verantwoordelijk voor het regeringsbeleid, en het parlement controleert de regering.

  2. Vraag 2 van 25

    Sinds wanneer is Nederland een constitutionele monarchie?
    Toon antwoord

    Antwoord: D. 1848

    Door de grondwetswijziging van 1848 werden de ministers, en niet de Koning, verantwoordelijk voor het regeringsbeleid.

  3. Vraag 3 van 25

    Wie vormen volgens de Grondwet de Nederlandse regering?
    Toon antwoord

    Antwoord: D. De Koning en de ministers

    Volgens artikel 42 bestaat de regering uit de Koning en de ministers.

  4. Vraag 4 van 25

    Wie is politiek verantwoordelijk voor regeringsdaden?
    Toon antwoord

    Antwoord: D. De ministers

    De Koning is onschendbaar. De ministers leggen verantwoording af aan het parlement.

  5. Vraag 5 van 25

    Wat zijn de twee Kamers van het Nederlandse parlement (de Staten-Generaal)?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. De Tweede Kamer en de Eerste Kamer

    Het parlement heeft een Tweede Kamer en een Eerste Kamer.

  6. Vraag 6 van 25

    Hoeveel leden heeft de Tweede Kamer?
    Toon antwoord

    Antwoord: C. 150

    Artikel 51 stelt het aantal leden van de Tweede Kamer vast op 150.

  7. Vraag 7 van 25

    Hoeveel leden heeft de Eerste Kamer?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. 75

    De Eerste Kamer heeft 75 leden.

  8. Vraag 8 van 25

    Voor hoeveel jaar worden de twee Kamers van het parlement normaal gesproken gekozen?
    Toon antwoord

    Antwoord: C. 4 jaar

    Beide Kamers zitten vier jaar, tenzij het parlement eerder wordt ontbonden.

  9. Vraag 9 van 25

    Wie kiezen de leden van de Eerste Kamer?
    Toon antwoord

    Antwoord: D. De leden van de Provinciale Staten

    Eerste Kamerleden worden gekozen door de leden van de Provinciale Staten.

  10. Vraag 10 van 25

    Vanaf welke leeftijd mogen Nederlanders stemmen voor de Tweede Kamer?
    Toon antwoord

    Antwoord: C. 18

    Artikel 54 geeft Nederlanders van 18 jaar en ouder stemrecht.

  11. Vraag 11 van 25

    Hoe worden de leden van de gemeenteraad gekozen?
    Toon antwoord

    Antwoord: D. Rechtstreeks gekozen door de inwoners

    De gemeenteraad en de Provinciale Staten worden rechtstreeks gekozen.

  12. Vraag 12 van 25

    Hoe wordt een burgemeester in Nederland aangesteld?
    Toon antwoord

    Antwoord: C. Benoemd bij koninklijk besluit

    Burgemeesters en Commissarissen van de Koning worden bij koninklijk besluit (door de regering) benoemd, niet gekozen.

  13. Vraag 13 van 25

    Hoe vaak zijn er gemeenteraadsverkiezingen?
    Toon antwoord

    Antwoord: B. Elke 4 jaar

    De gemeenteraadsverkiezingen zijn eens in de vier jaar.

  14. Vraag 14 van 25

    Je bent geen EU-burger. Wanneer mag je stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen?
    Toon antwoord

    Antwoord: B. Na minstens 5 jaar legaal verblijf

    Niet-EU-burgers van 18 jaar en ouder mogen stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen als ze 5 jaar of langer legaal in Nederland wonen.

  15. Vraag 15 van 25

    Een burger van een ander EU-land woont in een Nederlandse gemeente. Mag die stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. Ja, als die 18 jaar of ouder is en daar ingeschreven staat

    EU-burgers van 18 jaar en ouder die op een Nederlands adres ingeschreven staan, mogen stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen.

  16. Vraag 16 van 25

    Welke vier landen vormen samen het Koninkrijk der Nederlanden?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten

    Het Koninkrijk bestaat uit vier landen. Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn bijzondere gemeenten van Nederland.

  17. Vraag 17 van 25

    Tegen welke koning kwamen de Nederlandse gewesten in opstand in de Tachtigjarige Oorlog?
    Toon antwoord

    Antwoord: C. Filips II van Spanje

    De Opstand was gericht tegen Filips II van Spanje, die de Nederlanden had geërfd.

  18. Vraag 18 van 25

    Welke jaren worden meestal genoemd voor de Tachtigjarige Oorlog?
    Toon antwoord

    Antwoord: B. 1568 tot 1648

    De oorlog wordt gerekend van 1568 tot de Vrede van Münster in 1648.

  19. Vraag 19 van 25

    Wie leidde de Nederlandse Opstand tegen Spanje?
    Toon antwoord

    Antwoord: C. Willem van Oranje

    Willem van Oranje was de leider en bevelhebber van de Opstand.

  20. Vraag 20 van 25

    In 1579 spraken zeven noordelijke gewesten af samen verder te strijden. Hoe heette deze overeenkomst?
    Toon antwoord

    Antwoord: B. De Unie van Utrecht

    De Unie van Utrecht (1579) verenigde de noordelijke gewesten in de strijd.

  21. Vraag 21 van 25

    Wat deed het Plakkaat van Verlatinghe van 1581?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. Het verklaarde dat Filips II niet langer hun vorst was

    In 1581 zetten de Staten-Generaal van de noordelijke gewesten Filips II af.

  22. Vraag 22 van 25

    Welke handelscompagnie werd in 1602 opgericht en dreef handel in Azië?
    Toon antwoord

    Antwoord: B. De VOC (Verenigde Oostindische Compagnie)

    De VOC (Verenigde Oostindische Compagnie) werd in 1602 opgericht.

  23. Vraag 23 van 25

    Op welke datum eindigde de slavernij in Suriname en het Nederlandse Caribisch gebied?
    Toon antwoord

    Antwoord: A. 1 juli 1863

    De slavernij werd op 1 juli 1863 afgeschaft in de Atlantische koloniën.

  24. Vraag 24 van 25

    Wat wordt er op Keti Koti (1 juli) herdacht en gevierd?
    Toon antwoord

    Antwoord: D. De afschaffing van de slavernij

    Keti Koti betekent ‘verbroken ketenen’ en markeert het einde van de slavernij.

  25. Vraag 25 van 25

    Met welk Nederlands bedrijf begon in 1621 de Nederlandse trans-Atlantische slavenhandel?
    Toon antwoord

    Antwoord: C. De WIC (West-Indische Compagnie)

    De Nederlandse slavenhandel begon in 1621, toen de WIC werd opgericht.

Gerelateerde examens